
schepen van leefmilieu Wilfried Van Zele, Raf Verdonck, Koen De Baets & Bram Claeys
11/10/2006 CC Evergem
Panel: Raf Verdonck (Oleon), Bram Claeys (Bond Beter Leefmilieu)
Moderator: Koen De Baets
Wat is biobrandstof?
In navolging van de Kyotonorm heeft Europa afgesproken dat elk lid van de unie tegen 2010 5,75 % van zijn totale brandstofverbruik zou bestaan uit biobrandstof. In de praktijk zal de gemiddelde gebruiker daar niks van merken. Omdat het overgrote deel van die norm zal gehaald worden met biodiesel of benzine op basis van ethanol. Biodiesel is een mengvorm van Puur Plantaardige Olies (PPO’s) en normale diesel en vereist geen aanpassing van de motor. De puurdere PPO’s vereisen dit wel. Ze worden onder andere gewonnen uit Koolzaad (Belgie/Frankrijk/Duitsland), Palmolie (Azie), Soja (Amerika), Snelgroeiend Wilgenhout. Ethanol wordt vooral uit suikers (bieten) en restfracties (landbouwafval) gewonnen. Op 11/10/2006 is de eerste ethanolpomp in Brussel geopend. Je kan er E85 tanken, bestaande uit 85% ethanol en 15% benzine.
Hiep hiep hoera voor biobrandstof?
Algemeen gezien wordt er een veel te positief plaatje van de biobrandstoffen opgehouden. Zo zou er, met uitzondering van de PPO’s, na aftrek van de productievervuiling slechts een verbetering van dertig procent van de CO2 uitstoot zijn. Rekeninghoudend dat die 30% moet verrekend worden in de 5,75% tegen 2010 betekent dit in het beste geval tegen 2010 slechts een verbetering van ongeveer 1,8% op de CO2 uitstoot voor Europa. Bovendien zal niet elke lidstaat deze quota halen en is op wereldvlak Europa de voortrekker bij de CO2uitstootafbouw.
Een tweede nadeel zijn de dure productiekosten. Zonder de kunstmatig lage accijnzen zou biobrandstof een heel stuk duurder dan de conventionele brandstoffen zijn. Bovendien creëren de biobrandstoffen ook een paar nieuwe problemen. Zo zijn de werkomstandigheden, ontbossing, voedsel en – watervoorziening bij de productie van Palmolie en Soja niet te negeren obstakels bij het aanmoedigen van biobrandstoffen. De koolzaadteelt, die nu 10% van de Europese landbouw omvat kan onmogelijk de nood aan palmolie en soja vervangen bij de productie van PPO. De Europese unie werkt momenteel een strategie uit waarbij het met certificaten voor bepaalde bedrijven in derde wereldlanden werkt. Deze zouden er voor moeten zorgen dat deze bedrijven de werkomstandigheden, regenwouden en voedselvoorziening respecteren en waarborgen.
Moeten we de Biobrandstof dan volledig afschrijven?
PPO’s slaan ten opzichte van biodiesel en ethanol enkele chemische processen over en zijn dus wel interessant vanuit milieuperspectief. Helaas moet men hiervoor de motor laten aanpassen en zijn er momenteel nog erg weinig PPO tankstations. De Biobrandstoffen van de zogenaamde tweede generatie zouden een veel grotere productiewaarde hebben en daardoor de CO2uitstoot tot 90% kunnen verminderen ten opzichte van de conventionele brandstoffen. Vooral snelgroeiend wilgenhout zou hiervoor de aangewezen grondstof zijn. De wilg zou op minder dan vijf jaar kunnen geteeld worden. En meer dan vijfmaal zo veel energie opbrengen dan de huidige biobrandstofgeneratie. Bovendien ontstaan hierdoor, weliswaar kunstmatige en tijdelijke, nieuwe bossen. In het zuiden zou de Jatropaboom, die voor zijn energiewaarde relatief weinig oppervlakte nodig heeft, de energiegrondstof bij uitstek zijn. Bovendien kan er tussen de Jatropaboom nog aan voedselteelt gedaan worden. Helaas zal het nog een goeie tien jaar duren voor deze tweede generatie op punt zal staan en zijn weg naar de markt zal vinden.
Toch kan biobrandstof op lokaal vlak wel al een verschil maken. Zo is in Brazilië 40% van de brandstof Bio-ethanol en rijden er in zweden al een heleboel biogaswagens rond, maar vooralsnog is de impact van de biobrandstoffen op wereldvlak te klein en zal dit de eerstvolgende jaren niet meteen veranderen.
Oleon en biobrandstof?
Oleon is één van de in België gevestigde bedrijven die van de Belgische overheid een erkend certificaat zal krijgen (ze moeten nog worden uitgedeeld) om Biodiesel te produceren. Zij zullen tegen 2008 op jaarbasis 100.000 ton Biodiesel produceren. Peanuts met de totale olievraag. Oleon is op dit moment gespecialiseerd in de verwerking van chemische afvalproducten zoals vetzuren (wasverzachter); esthers, vetalcohol en glycerine (pharmacie, “bioplastic”). Bij de productie van Biodiesel zou een grote hoeveelheid glycerine vrijkomen. Een gegeven dat interessant is voor Oleon en de Gentse haven bij het eventueel opstarten van een unieke “bioplastic”industrie.
De volgende links zijn directe MP3 links naar de antwoorden van het panel op de vragen van moderator Koen De Baets.
1. Wie is oleon , wat doen ze en wat zijn hun plannen? (Raf Verdonk, OLEON)
2. Wat is biodiesel, ethonal,… verklaring van termen (Bram Claeys, BBL)
3. Waar maakt oleon gebruik van? (Raf Verdonk, OLEON)
4. Er zijn berichten over problemen in het regenwoud, van oliepalm plantages en sojapalmplantages die het regenwoud serieus aantasten? (Bram Claeys, BBL)
5. Hoe zit het met de productie van PPO’s hier nu in belgië? (Raf Verdonk, OLEON)
6. Is het waar dat er veel minder uistoot zal zijn, of zelfs nul-uitstoot door die bio brandstoffen? Bram Claeys, BBL)
7. Is koolzaadteelt voor onze landbouwers een volwaardig alternatief? (Raf Verdonk, OLEON)
8. Wat kunnen de gevolgen zijn in de zuiderse landen bij de productie van de soja en palmolies? (Bram Claeys, BBL)
9. Is bio brandstof de brandstof van de toekomst? (Raf Verdonk, OLEON)
10. Is bio brandstof de brandstof van de toekomst? (Bram Claeys)
0 Reacties tot “Debat: Rijden we binnenkort allemaal met biobrandstof?”